Serotonine heropname
Als er veel serotonine in de
synaptische spleet aanwezig is, zal dit proces van binden en loslaten vaak
plaatsvinden. Zodra een serotoninemolecuul losgelaten heeft van de receptor, zal
een volgende alweer binden. Op deze manier worden in de dendriet veel
elektrische stroompjes veroorzaakt.
Langzaamaan is steeds minder serotonine in de synaptische spleet aanwezig.
Daardoor
kunnen minder serotoninemoleculen aan de receptoren binden. Er zullen
minder elektrische stroompjes worden doorgegeven. Hoe komt het dat de
hoeveelheid serotonine in de synaptische spleet afneemt?
Serotonine bindt niet alleen aan de receptoren op een dendriet van de volgende
zenuwcel, maar ook aan receptoren die zich op de axonuiteinden van de “eigen”
zenuwcel bevinden. Deze receptoren op de eigen zenuwcel worden transporters
genoemd. Iedere neurotransmitter heeft zijn eigen transporter. De transporter
voor serotonine wordt vaak afgekort afgekort als SERT (van serotonine transporter). Transporters zijn een soort pompjes die de serotonine
terugbrengen in het axonuiteinde van de “eigen” zenuwcel. De transporters zijn
in de volgende figuur weergegeven als gele, H-vormige pompjes. Het proces van de
terugopname (reuptake) van serotonine ziet er als volgt uit:
- De serotonine in de synaps bindt
aan de transporter (1).
- De transporter draait vervolgens rond als een soort draaideur (2) en
- pompt de
serotonine in het axonuiteinde (3).
Dit proces is in de figuur (1→2→3) van onder naar boven te zien. De transporter kan de
serotonine dus maar één kant op pompen: vanuit de synaptische spleet in het
axonuiteinde. De uitstoot van serotonine in de synaptische spleet gebeurt alleen
via de blaasjes.
Een deel van de serotonine dat in het axonuiteinde wordt gepompt, wordt weer
door de blaasjes opgenomen (4) en kan opnieuw worden uitgestoten in de
synaptische spleet (5). Een ander deel wordt afgebroken in het axonuiteinde.
Het deel van de serotonine dat niet heropgenomen wordt door de blaasjes, wordt
in het axonuiteinde afgebroken door het enzym monoamino-oxidase (MAO). Bij de
afbraak van serotonine ontstaat een aantal nieuwe stoffen, de afbraakproducten.
Eén van die afbraakproducten is het 5-hydroxyindolazijnzuur (5-HIAA). Deze stof
komt in hoofdstuk 3 van het Rapport Pennings aan de orde.
Uitleg Rapport Pennings: Hoofdstuk 1 Inleiding